Bagrer

van het NRC

  • 400 g patentbloem
  • 1 stuitergroot bolletje verse gist of 6 g gedroogde gist
  • 1 ei
  • ½ zakje bakpoeder
  • 7½ dl lauwwarm water
  • 1 tl zout

Bagrer heeft een eigen pan nodig die nergens anders voor gebruikt is of zal worden; een koekepan met antiaanbaklaag van ongeveer 22 cm doorsnee. Het is het waard!

Voeg bloem, gist, ei en bakpoeder in een kom en meng het met de hand dooreen. Voeg dan al kloppend met een garde het water toe tot het een glad beslag is. Dek het af met een doek en laat 30 minuten rusten.
Voeg dan het zout toe en roer het beslag goed door.

Doe van het vuur af in het midden van de koude pan enkele druppels olie. Giet 1 grote soeplepel beslag in de pan. Zet nu de pan op hoog vuur. Laat het beslag met rust, dus niet de pan schuin ronddraaien om het beslag te laten uitlopen. De bagrer wordt maar aan een kant gebakken, op hoog vuur. Terwijl hij bakt moet je hem met rust laten. Haal het brood, als het gaar en gestold is en aan de onderkant goudbruin, uit de pan.
Koel de onderkant van de pan onder de stromende kraan of in een grote bak koud water (niet onderdompelen) voor je de volgende bagrer gaat bakken.

Lekker erbij: gekookte spinazie met verse koriander waar wat feta doorheen gebrokkeld is; marokkaanse gehaktballetjes met honingsaus. En wat er over is de volgende dag met kaas.

Terug naar Brood en hartige taarten Terug naar het kookboekje